Wie heeft het meeste succes?

Markt, musea en andere relevante factoren gewogen voor een nieuwe stand van zaken in de Nederlandse beeldende kunst.

Dit is de eerste elseviertop-100 van de Nederlandse en langdurig in Nederland werkende kunstenaars, De ranglijst is samengesteld op basis van hun zichtbaarheid in de kunstwereld, de aandacht die ze krijgen van musea, hun marktpositie en andere relevante factoren. De top-100 toont hiermee een nieuwe stand van zaken in de Nederlandse beeldende kunst.

Marlene Dumas Portret

Voor een succesvolle loopbaan als beeldend Kunstenaar is het van belang aandacht te krijgen van de museale wereld, maar ook van de vrije kunstmarkt. Want de recente groei van de vraag naar eigentijdse kunst is vooral te danken aan privé-verzamelaars. De verwerking van dit element is, naast het nationale karakter van deze lijst, het belangrijkste verschil met de bekende Kunstkompass, de jaarlijkse internationale top-100 van het Duitse financiële tijdschrift Capital. Daarin wordt de score bepaalt door de waardering die kunstenaars van musea en andere aan de overheid gelieerde instituten krijgen.

 

In de Elseviertop-100 speelt de markt een essentiële rol, met indicatoren als galerie-exposities in binnen- en buitenland, en de aanwezigheid op kunstbeurzen en kunstveilingen, Zo ontstaat een dynamischer en vollediger beeld van de stand van zaken.

De criteria voor deze top-100 weerspiegelen de essentiële elementen voor een geslaagde kunstcarrière. Een kunstenaar kan succes boeken buiten de gangbare wegen om maar die uitzonderingen treft u niet aan op deze lijst. Bovendien moet worden aangetekend dat onze top-100 de bovenkant is van een lijst met ruim 450 kunstenaars. Sommigen die buiten de top-100 komen te vallen, komt u wellicht in de volgende editie tegen, Ook kunnen dan stijgers en dalers worden gesignaleerd. Deze top-100 gebaseerd op gegevens uit het kalenderjaar 2005, is een zo objectief mogelijke meting van aandacht- en succesfactoren. Dat is niet altijd hetzelfde als een ranglijst naar kwaliteit: die blijft altijd subjectief. Naast de top-100 en een toelichting op de gebruikte methode treft u op de volgende pagina's portretten van enkele opvallende kunstenaars en conclusies.

Marlene Dumas - The Teacher

Methode

Hoe werkt de Elseviertop-100?

Ranglijst is transparant en controleerbaar

Riki Simons

De Elseviertop-100 van Nederlandse beeldend kunstenaars is samengesteld op basis van de volgende criteria:

  • De zichtbaarheid van kunstenaars in de nationale en internationale kunstwereld.
  • De aandacht die ze kregen van musea en andere overheidsgelieerde kunstinstituten
  • Hun positie op de kunstmarkt

Gemeten is de stand van zaken over het jaar 2005. Alleen levende Nederlandse kunstenaars tellen mee. De methode is transparant op alle onderdelen: alle gebruikte informatie is controleerbaar en openbaar toegankelijk. De opmars van internet waar de internationale beeldende-kunstwereld intersief gebruik van maakt, en waar allerlei rankings zijn te vinden, maakten deze productie mede mogelijk.

Hedendaagse beeldende kunst is bij uitstek internationaal. Voor het onderscheid in gewicht tussen specifieke galeries, musea en instituten gelden dan ook internationale criteria. Daarom is een internationaal panel van experts gevraagd om de Nederlandse musea voor hedendaagse kunst onder te verdelen in drie categorieën: (A) een internationale topinstelling, (B) een internationaal bekend instituut en (C) een internationaal niet-relevante instelling.

De paneluitslag luidt: een A voor het stedelijk museum in Amsterdam, Museum Boijmans in Rotterdam en het Van Abbemuseum in Eindhoven. Een B voor De Pont Stichting Tilburg, het Gemeentemuseum Den Haag, het Bonnefantenmusem in Maastricht en het Rijksmuseum Kröller-Müller in Otterlo. De overige Nederlandse musea en instituten die actief zijn in de hedendaagse kunst krijgen van ons panel een C.

Gekeken is naar solotentoonstellingen in musea en naar aankopen van werk door musea. Op een enkele zeer belangrijke uitzondering na zijn groeptentoonstellingen niet meegeteld. Het belang van deelname van individuele kunstenaars aan dit soort exposities is namelijk moeilijk meetbaar. Het is heel goed mogelijk dat een kunstenaar jarenlang in groepsexposities en biënnales over de hele wereld exposeert zonder daarmee echt brede duurzame belangstelling te krijgen van de (internationale) kunstwereld.

Ook de internationale musea zijn onderverdeeld in categorieën. Een uitgebreide beschrijving is de vinden op www.elsevier.nl/KunstTop100

Niet iedere Nederlandse kunstenaar heeft of ambieert een internationale carrière. Maar ook galeries die bewust alleen binnen Nederland opereren, kunnen qua professionaliteit worden ingedeeld volgens dezelfde basis criteria die internationaal voor de galeries gelden.

Regelmatig solo-exposities organiseren is het eerste criterium. Een ander criterium is een volwaardige eigen galeriewebsite. Dat is het meest directe professionele communicatiemiddel, waar volgens de internationale normen de volgende elementen bijhoren: een archief van exposities en werk, en een bijgewerkte biografie en cv van de kunstenaar die de galerie vertegenwoordigd.

De verzamelwebsite van Nederlandse galeries, www.galeries.nl , geeft veel informatie op veel onderdelen. Maar het is een typisch nationaal product: egalitair, democratisch en homogeen. Galeries die alleen aanwezig zijn op deze site, ontbreekt het aan het belangrijkste internationale criterium: een duidelijk eigen gezicht. Op onze A-lijst van Nederlandse galeries staan galeries als Lieve Hemel en Diana Stigter broederlijk bij elkaar, al zijn ze in artistieke stijl en visie ver van elkaar verwijderd. Uit hun website spreekt eenzelfde zorg en niveau van professionaliteit.

Niet alle Nederlandse galeries reageerden op ons (herhaalde) verzoek om informatie. Gelukkig waren er voldoende andere wegen om informatie te achterhalen, maar het is natuurlijk denkbaar dat in deze eerste top-100 toch een enkele onvolledigheid is geslopen.

De totaalscore per individuele kunstenaar is het totaal van de score volgens tien criteria. Oplopend naar gewicht zijn die afgeleid uit de belangrijkste stappen in het carrièreverloop van een internationaal succesvol kunstenaar. Dat begint met een solotentoonstelling in een Nederlandse galerie, met als minimale vereiste dat zo'n galerie aanwezig is op ten minste een van de jaarlijkse Nederlandse kunstbeurzen: TEFAF Maastricht, pAn Amsterdam, Art Rotterdan, KunstRai/Art Amsterdam en Holland Art Fair. Het eindigt met een plaats in een internationaal als gezaghebbend erkend ranking van beeldend kunstenaars samengesteld door organisaties en media als Arprice en Artnet.

Galeriehouder

‘Ze breken de zaak af'

Paul Andriesse van de gelijknamige galerie over de rol van de veiling. Hij vertegenwoordigt Marlene Dumas.

Riki Simons

Een galerie is een samenwerkingsverband van een galeriehouder met een aantal kunstenaars, Beter verkopende "oudere" kunstenaars financieren de promotie van jonge kunstenaars. Als werk in de galerie duurder wordt, staat dat meestal voor een investering van tien jaar of meer. De opbrengst gaat weer terug in de galerie en in de kunst, bijvoorbeeld door catalogi van jonge kunstenaars te maken. Het veilinghuis is een puur kapitalistisch instituut, dat enkel en alleen streeft naar een steeds grotere omzet in de slag met hun concurrenten. Het geld dat zij verdienen, komt niet terug bij de kunstenaar of de galeriehouder, die het succes in de eerste plaats mogelijk hebben gemaakt.

Wanneer veilinghuizen actief verzamelaars benaderen om werk te verkopen dat goed in de markt ligt, dan zijn ze op zo'n moment de natuurlijke vijanden van een galerie.

Een galerie brengt werk op de goede plek. Zij probeert kunstwerken aan de beste verzamelaars te verkopen, en doet daarvoor financiële concessies. Een galerie werkt langdurig met een kunstenaar samen.

Een veilinghuis probeert af te breken wat een galerie met een kunstenaar heeft opgebouwd. Veilinghuizen, zoals bijvoorbeeld Christie's, benaderen verzamelaars stelselmatig en actief met steeds hogere bedragen om zo werk van bepaalde kunstenaars te kunnen verkopen. Ik weet dat dit waar is, want het gaat om verzamelaars van de galerie. Dat Christie's dat in de media ontkent is voor mij een teken van een slecht geweten.

Ik ben niet vies van geld, maar kunst is voor mij in de eerste plaats een mengsel van allerlei vormen van ideologie , filosofie en geloof. Dat komt voordat het handelswaar is, zoals voor een veilinghuis. Galeries maken kunst zichtbaar door tentoonstellingen te organiseren. We hebben tegenwoordig een aantal galeries in Nederland, die heel professioneel werken. Ze hebben een internationaal programma met internationale klanten en ze nemen deel aan internationale beurzen.

Marlene Dumas is een zeer goede kunstenaar. Ze is dat vele geld gewon waard. Ik kocht bijna dertig jaar geleden mijn eerste werk van haar. Dat heb ik nog steeds, Komend najaar maken we een tentoonstelling met haar nieuwe werk. Die continuïteit is het mooiste wat er is in de kunstwereld.

Veilingexpert

Ophouden met zeuren

Jean-Paul Engelen, senior specialist Contemporary Art van Christie's Londen, over de rol van de galerie.

Riki Simons

Een galerie is net als een veiling een commercieel bedrijf, dat bestaat bij de gratie van verkoop van werk. Galeries en veilinghuizen zijn soms elkaars concurrenten, Een galerie wil alles in eigen hand houden en weigert daarom regelmatig werk te verkopen, of creëert wachtlijsten. Dat veilingen aan anonieme kopers verkopen en kunstwerken zo zouden verdwijnen, is onzin. Wij vertellen kunstenaars precies wie werk van ze heeft gekocht.
We informeren verzamelaars over de gestegen waarde van hun werk, want die werken moeten verzekerd zijn voor het juiste bedrag. In het buitenland hebben we zeer goede relaties met grote galeries, we zijn elkaar klant. In Nederland weinig, maar hier is ook geen echt internationale galerie. Daarvoor zijn investeringen nodig die Nderlandse galeries niet doen, Ook zijn hier bijna geen galeries met secundaire handel (ouder eigentijds werk waarnaar veel vraag is). Die financieren risicovol werk van jonge kunstenaars en maken investeringen mogelijk.

Soms is het alsof kunst in Nederland niets met geld te maken mag hebben, maar de kunstwereld moet ophouden met zeuren. Kwalitatief hoge kunst heeft internationale interactie nodig. Die moet voor kunstenaars en publiek direct mogelijk zijn via verzamelingen en verzamelaars van internationaal formaat. Daarom moet de markt in Nederland groter en internationaler worden. Iedereen moet daaraan meedoen. Iedereen moet daaraan meedoen: galeries, kunstenaars, adviseurs, musea. Als één schakel niet meewerkt, lukt het niet.

Wij verkopen alleen waar vraag naar is, dat klopt. Maar we zijn erg voorzichtig en zorgen ervoor dat er niet te veel werk van één kunstenaar op de markt komt. Als we nu alle Andy Warhols en Matthias Weischers veilden die we krijgen aangeboden, beschadigen we hun markt. Wij hebben hetzelfde belang als kunstenaars en galeries: een gezonde markt.

Sommige galeries zetten verzamelaars op de zwarte lijst als die via veiling verkopen. Dus wie zet nu wie onder druk?

Verzamelaars hebben een eigen prijsniveau: een deel daarvan gaat pas naar een kunstenaar kijken als die hun prijsniveau heeft bereikt. Zo verbreden ze de markt en geven ze kunstenars meer armslag. En wat betreft zwart geld: wij worden als veiling net zo streng gecontroleerd als een bank.

Conclusies

Vrouwen stelen de show

Niet alleen voeren ze de lijst van beeldend kunstenaars aan, vrouwen zijn ook als verzamelaars de laatste jaren een steeds belangrijkere rol gaan spelen.

Riki Simons

De Elseviertop-100 van kunstenaars wordt aangevoerd door drie vrouwe: Marlene Dumas, Rineke Dijkstra en - de grootste verassing - Fiona Tan. Onze ranglijst beziet Nederland als onderdeel van de internationale kunstwereld. Dat ook Dumas en Dijkstra top de top behoren is een uitgemaakte zaak.

Vermeld moet worden dat van beiden aleen Dijkstra als echt ‘Nederlands' te boek staat. Van Dumas, die opgroeide in Zuid-Afrika, is internationaal wel algemeen bekend dat ze al decennia in Amsterdam woont en werkt, en haar eerste expositie in een Amsterdamse galerie (Paul Andriesse) hield, waar ze nog steeds exposeert.

Internationaal gaan vrouwen ook een steeds grotere rol spelen, en niet alleen als kunstenaar. Het aantal vrouwelijke verzamelaars van formaat - vaak ondernemers of erfgenamen van ondernemers - is de laatste jaren fors toegenomen. Meer dan de helft van de snelst gegroeide groep verzamelaars van de laatste tien jaar, de Britse bevolking, blijkt vrouw te zijn.

Bij exposities in een buitenlands museum is een onderscheid gemaakt naar het gewicht van zo'n museum. Een expositie in een topmuseum of instelling (A-categorie) was in 2005 slechts weggelegd voor een aantal kunstenaars. Dumas, Dijkstra, Tan en Aernout Mik in het Museum of Modern Art in Chicago. De in Londen woonachtige Micheal Readecker toonde zijn kunst in The Saatchi Gallery aldaar, Saskia Olde Wolbers exposeerde in de South London Gallery en Meschac Gaba in The Studio Museum in Harlem, New York.

Met deze veelheid aan disciplines - aan de top staan een schilder, een fotograaf en een videokunstenaar - weerspiegelt de top-100 de grote variatie en levendigheid van de bloeiende hedendaagse internationale kunst.

We zullen in de toekomst zien of ook de nieuwste internationale trend hier doorzet: de belangstelling voor (oudere) kunstenaars met een relatief onbekend maar wel volwassen, oeuvre verdringt de voorkeur voor jong en nieuw. Ook de belangstelling van nieuwe verzamelaars reikt steeds verder.

Opvallen is de verrassende internationale belangstelling op hoog niveau voor Nederlandse kunstenaars, zoals de expositie van Bertien van Manen in het Museum of Modern Art in New York, de uitverkiezing van Aernout Mik (nummer 5) en Fiona Tan (nummer 3) voor een eerste gezamenlijke videoproductie-financiering door drie grote Amerikaanse Musea., en het succes van fotograaf Frank van der Salm (nummer 69) die een topgalerie in Zürich vond.

Zeventiger en tachtigers als Karel Appel, Armando, Corneille en Bram Bogart staan vooral hoog in de top-100 doordat er, net als voor Dijkstra en Dumas, in Nederland én in het buitenland grote vraag is naar hun werk. Deze belangstelling telt vooral zwaar mee op het onderdeel veilingen, Ook Co Westerik blijkt daarin zeer goed te scoren, maar dan alleen nationaal.

Veel van de dertigers en veertigers die tezamen meer dan de helft van de top-100 uitmaken, krijgen internationaal vraag naar hun werk voor exposities in musea en galeries. Het grootste aantal exposanten in buitenlandse galeries en Musea van de B-categorie- dus internationaal bekend, maar niet de wereld top - komen we tegen bij kunstenaars die ook op de drie grootste internationale kunstbeurzen te zien waren. Daarin zit een zekere logica, Maar solo-exposities in buitenlandse topgaleries (A-categorie) werden slechts vier keer geteld.

Belangstelling van verzamelaars voor vroeg werk van een kunstenaar (de ‘secundaire markt') is een teken van een grote naam Dumas en Dijkstra staan ook in dit opzicht bovenaan. Verder hebben alleen de wat oudere Nederlandse kunstenaars zo'n gevestigde naam. Ger van Elk en Jan Dibbets, en de Cobra-kunstenaars Corneille, Bram Bogart, Armando en Karel Appel.

Corneille, Bogart, Appel, Armando, Dijkstra en Dumas zijn de enige Nederlandse kunstenaars van wie de internationale kunstdatabase Artprice een uitgebreide analyse bijhoudt. Verder heeft beeldhouwer Henk Visch ook in België en Duitsland verzamelaars en Pat Andrea in Frankrijk.

Het verder bijna geheel ontbreken van een secundaire markt is een ernstige handicap van het Nederlandse kunstklimaat, en toont dat Nederland een relatief klein aantal verzamelaars heeft. Als dat aantal flink zou groeien, zouden galeries meer kans krijgen om te investeren. Dat in werkelijkheid het omgekeerde het geval is, blijkt uit het schrijnende gegevens dat van de tien kunstenaars in de top-10 er zes geen Nederlandse galerie (meer) hebben.

Een flink aantal galeries dat op de bekende Nederlandse beurzen staat, bleek geen solotentoonstelling te organiseren. Buiten de Nederlandse galeries die zich intersief (en gesubsidieerd) laten zien op de internationale beurzen, zijn zo'n tien galeries die een nationale verzamelaarsmarkt voor hun kunstenaars lijken te hebben ontwikkeld.

Die kunstenaars zijn meestal uitsluitend verbodenden aan die ene galerie en hebben daar doorgaans om de twee jaar een solotentoonstelling. Behalve Theo Kuijpers, Kees Verkade, Pat Andrea, Co Westerik, Hans Kanters en Jan Roëde, van wie regelmatig een aantal werken via veilingen nieuwe kopers vindt, komt niemand voor op deze lijst. Dat komt onder meer doordat deze kunstenaars zelden door musea worden aangekocht (afgezien van een paar privémusea die Nederland telt) en meestal buiten de internationale kunstenaarspromotie van overheidswege vallen.

Eenzaam aan kop

1. Marlene Dumas

Schilderijen en tekeningen

In Nederland staat ze eenzaam aan de top en internationaal is ze ook een unicum. Marlene Dumas (1953) is de enige hedendaagse vrouwelijke kunstenaar van wie een kunstwerk meer dan 3 miljoen dollar opbracht: The Teacher (sub a) uit 1987 werd in februari 2005 bij Christi's Londen verkocht.

Ze staat regelmatig als enige kunstenaar in internationale ranglijsten van de kunstwereld, tussen grote verzamelaars, handelaren, veilinghuis- en museumtycoons. Haar werk prijkt in beroemde privé-verzamelingen en museumcollecties. Geheel in 2005 hing een retrospectief in de Londense Saatchi Gallery, het museum van de grote verzamelaar Charles Saatchi. Haar grote schilderijen zijn zo gewild dat, dat ze op internatonale kunstbeurzen als geruchten aanwezig zijn.

Dumas kwam in 1976 als kunststudent vanuit Zuid-Afrika naar Nederland en exposeert sinds sinds 1984 bij galerie Paul Andriesse in Amsterdam. Ze woont in de hoofdstad met schilder Jan Andriesse en hun dochter.

De kunstwereld heeft de boeiende visualiteit ondekt van de multiculturele wereld van nu, en Dumas wordt buiten Nederland steeds vaker een ‘Zuid-Afrikaans', of zelfs Afrikaans kunstenaar genoemd. Ze is een van de kunstenaars in de expositie Africa Remix, die nu al twee jaar langs wereldmusea reist. Maar voor ons blijft ze Nederlands.

Tot 2002 rees haar ster geleidelijk, en brachten haar schilderijen maximaal 50.000 dollar op. Totdat Saatchi's belangstelling werd gewekt, en hij in 2003 op veilingen topprijzen ging bieden. Sindsdien is Dumas als veilingrecordhouder niet meer weggeweest.

Vanaf het moment dat ze in Amsterdam neerstreek, was ze ook hier een opvallende verschijning: barok en emotioneel. Haar werk is vanaf haar eerste exposities, toen haar schilderijen vaak nog geen 5.000 gulden kostten, populair bij musea en verzamelaars. Begin jaren tachtig ging ze, tegen de trend in, schilderingen: met luchtige hand in dunne verf. Tegelijkertijd zijn de schilderijen als vakkundig en kleurig, met herkenbare onderwerpen en een modern-beheerst soort expressiviteit. Ze zijn geschilderd naar nieuws- en tijdschriftfoto's, en foto's van familie en vrienden rond blijvend actuele thema's als ras en gender. Op de grens van erotiek en porno, van drama en geweldsspektakel.

Haar nieuwe werk is, met prijzen tot 250.000 euro voor een schilderij, Nederlandse budgetten ontstegen.

Een klasse apart

2. Rineke Dijkstra

Fotografie

Rineke Dijkstra (1959) gaf het logische vervolg op de sobere maar spectaculaire portretten van de Duitse fotograaf Thomas Ruff van begin jaren tachtig. Hij maakte vlijmscherpe afdrukken van alleen hoofd en schoudersm frontaal gefotografeerd in fullcolour en meer dan levensgroot afgedrukt.

In de zomer van 1989 kreeg ze van een dagblad opdracht foto's van het Nederlandse strand te maken, Zo vond ze haar eerste onderwerp. Vorig jaar reisde een tentoonstelling langs verschillende prominente Europese locaties.

Vanaf 1991 fotografeert Dijkstra mensen: op groot formaat, ten voeten uit. Haar strandportretten van kinderen en tieners, in de periode 1992 tot 1996 gefotografeerd met een grote, technische camera op een statief in Oost-Europa en de Verenigde Staten. En over wat ‘echt' en ‘niet echt' is aan mensen in het algemeen en de gefotografeerde in het bijzonder.

Dijkstra maakte na de academie een aantal jaren portretten voor publieksbladen. Tegelijkertijd experimenteerde ze in vrij werk met foto's zonder de ‘pose' van de foto-opdrachten, zonder het beeld dat mensen normaliter van zichzelf (willen) projecteren.

Grote verassing

Fiona Tan

Video-installaties

Fiona Tan (1966) werd beboren in de stad Pekanbaru in Indonesië. Haar moeder is van Schots-Australische afkomst, haar vader is Chinees-Indisch. Tan groeide op in Australië en ging in Duitsland en Nederland naar school. Sinds 1997, toen ze aan de Rijksacademie begon, woont ze in Amsterdam. Sindsdien wordt ze als Nederlandse kunstenaar intensief uitgezonden naar buitenlandse tentoonstellingen.

Tan maakt documentaireachtige installaties van films en video's, aanvankelijk met gevonden filmmateriaal maar op het ogenblik met eigen producties. Voor Tan, die zoals ze zelf zegt, tussen Oost en West en overal en nergens thuishoort, werd het zoeken naar (haar) culturele en persoonlijke identiteit de basis voor haar werk.

Haar laatste grote video-installatie, Correction uit 2004, werd vorig jaar in drie prominente Amerikaanse musea getoond en in verschillende vakbladen beschreven. Correction bestaat uit meer dan driehonderd ‘videoportretten': in Amerikaanse gevangenissen gefilmde portretfoto's van gevangenen en bewakers die staand en zwijgend recht de camera inkijken. Net als bij de fotoportretten van Rineke Dijkstra (zie ‘een klasse apart' op pagina 87) worden hier individuele details onderstreept door het contrast met iets uniforms. Bij de gevangenen is dat laatste niet de kleding, zoals het badpak en het uniform bij Dijkstra, maar noodlottige levens die op dezelfde plek eindigen.

Het Museum of Contemporary Art in Chicago, het UCLA Hammer Museum in Los Angeles en het New Museum of Contemporary Art in New York begonnen vorig jaar een nieuw samenwerkingsproject voor het financieren en exposeren van werk van geselecteerde kunstenaars. Fiona Tans Correction, dat in die drie instituten werd getoond, was een opdracht van het Three M Project, net als Refraction van Aernout Mik (nummer 5 in de Elseviertop-100).

Bron: Elsevier 6 mei 2006
  • Datum: 02-03-2007