Kunstminnende burgemeester
Kees van Bohemen, een Haagse kunstenaar die leefde van 1928 tot en met 1985, kijkt altijd mee over de schouder van burgemeester Wim Deetman. ‘Ik zie telkens nieuwe dingen in dat schilderij dat hangt op mijn kamer.' De vraag of kunst belangrijk is in zijn leven is dan ook vrijwel overbodig. Hij is er van jongs af aan mee opgevoed, thuis en op school. ‘Eigen smaak en keus komen later. Die hebben met persoonlijke ontwikkeling te maken.'
Deetman noemt zichzelf geen verzamelaar, maar een liefhebber is hij wel degelijk. De burgemeester bezoekt graag musea en zegt te genieten van kunst op straat. ‘Je kunt in Den Haag je hart ophalen aan kunst in openbare ruimte.' Ja, hij vindt dat hij in dezen een voorbeeldfunctie heeft. Hij is geen vreemde gast bij openingen van exposities, en dan niet alleen van exposities waarbij je struikelt over de hoogwaardigheidsbekleders. ‘Als kinderen hun eigen werk exposeren op scholen probeer ik daarvoor ook tijd vrij te maken.'
De stad achter de duinen heeft het getroffen met deze burgemeester. ‘Kunst en cultuur brengen mensen tot elkaar. Er zijn in principe geen grenzen.' Het is een mooie bindingsfactor in een omgeving met zoveel verschillende nationaliteiten. Daarvan moet je gebruikmaken.
Deetman koestert het ‘koninklijke' portret van de Friese vormgever Frank van Dijk dat een prominente plaats heeft gevonden op zijn werkkamer in het stadhuis. ‘Ik ben er trots op. Het is een mooi werk dat voldoende ruimte laat voor symboliek en een eigen interpretatie van de kijker. Je ziet meteen dat het om onze koningin gaat en toch is er geen sprake van een star portret.'
